Een echte wintertrail in Appelscha

Op zaterdag 16 januari arriveer ik om 10.30 uur bij het Buitencentrum van Staatsbosbeheer nabij Appelscha om mee te doen aan de Runforestrun Drents Friese Wold. Er zijn drie afstanden: 14 km, 24 km en 44 km. Ik ga voor de 14 kilometer waaraan 112 mannen en 107 vrouwen meedoen. In kleine groepjes starten deze deelnemers en hoewel het bij trailrunnen gaat om de beleving en niet om de snelste tijd lopen we wel met een chip in het startnummer. Om 11.10 mag ik los. Het is droog winterweer en twee graden Celcius. Rustig lopen we het bos in over mooie bospaadjes. Ik moet direct geconcentreerd lopen om niet te struikelen over boomstronken.
Het parcours wordt aangegeven met oranje linten. We zigzaggen door het bos. Na twee kilometer begint het te sneeuwen, plakken de vlokken aan mijn bril waardoor het zicht behoorlijk afneemt. Wel mooi die witte wereld. Het bos en de paden zijn nat en modderig en regelmatig stamp ik door grote plassen. Na vijf kilometer komen we bij een grote plas (Canada) waar we omheen lopen.
Iedere trailrun heeft volgens mij een verrassing, die van vandaag is dat we zo’n 50 meter tot boven de enkels door het ijskoude water mogen waden van de plas die buiten zijn oever is getreden. Het water is ijskoud en voelbaar tot op het bot. Met kletsnatte en ijskoude voeten maak ik weer vaart en het duurt behoorlijk lang voor de voeten weer warm zijn. Dan dient zich weer een grote plas aan en zijn we weer terug bij af. Ach ja, it’s all in the game. Via bospaadjes en brede, modderige paden komen we na 9 km aan bij het Aeckinger zand en de Kale Duinen die nu prachtig wit zijn. Hier lopen we op een ondergrond van zand en gaat het heuvel op, heuvel af. Het sneeuwen is gestopt en het is genieten van de stilte, de rust en het lopen. Na 12 km zijn we aan de noordkant van de Kale Duinen en gaan we het bos weer in op weg naar de finish. Na 1 uur en 14 minuten kom ik als 19de man op deze afstand over de finish. Ik kom tot de conclusie dat het een prachtige wintertrail was. In de auto op de terugweg bedenk ik dat ik nog wel eens een langere afstand zou willen lopen, bijvoorbeeld een 24 km, en dat het dan belangrijk is dat ik mijn tempo hierop aanpas door nog rustiger te lopen en zo mijn krachten goed te verdelen. Door het jarenlange racen op de weg is het lastig om het lopen op snelheid los te laten merk ik. Oefening baart kunst zullen we maar zeggen. Ik verheug me nu al op de trail op Ameland 19 maart.
 
Jaap Baalbergen