Mijn eerste Bonifatius Sionsberg Wandeltocht

wandelen

Onder het mom van: als het niet gaat zoals je wil, dan moet het maar anders”, en : “er zijn meer wegen die naar Rome leiden”,  begon ik (Jan Rietberg) op 6 april aan de 33,7 km lange wandeltocht van de Dokkum Bonifatius Sionsberg wandeltocht, mijn eerste officiële wandeltocht ooit. Blessureleed dwong mij om af te wijken van mijn passie, het hardlopen .En omdat wandelen nog prima gaat, maakte ik deze keuze. Met weliswaar niet veel kilometers in de benen, maar vertrouwend op mijn gevoel dat het moest lukken, stond ik rond kwart voor acht in de tent bij de Bonifatiuskapel.  Ik was vanaf de Sionsberg, waar ik mijn fiets had geparkeerd,  met nog een wandelaar naar de start gelopen. Nou ja lopen, het was meer snelwandelen. “Hoe hard loop je gemiddeld? “ was mijn eerste vraag. “Ergens tussen de 7 en 8 km per uur” antwoordde de man, wat mij deed besluiten in elk geval niet met hem op te lopen. Bij de start trof ik nog wat bekenden, en precies 8.00 uur werden we door Hugo toegesproken en konden we van start. Ik had besloten mijn eigen tempo te houden, en dan zie je vanzelf wel of je iemand treft met hetzelfde tempo.

wandelen jan

Tot de eerste stempelpost in café Fryslân in Oostrum liep ik met een jongeman op, maar die was daar wat sneller weg dan ik. Daarna ging het richting Ee, waar we in het sportkantine van Oostergo  moesten stempelen. Vlak voor Oostergo trof ik een vrouw van Schiermonnikoog, die wel mijn tempo liep, zodat we besloten maar samen op te lopen. We liepen zo druk te kwebbelen, dat we de sportkantine al een eind voorbij waren, en dus terug moesten. Daarna ging de tocht door naar Anjum. het was een beetje mistig, en onderweg kon je je eigenlijk maar moeilijk oriënteren. Maar op een bepaald moment zagen we toch de toren van Anjum verschijnen. Langzaam maar zeker voelde ik de eerste blaar onder mijn grote teen opkomen, iets waar je niet echt op zit te wachten natuurlijk. Gelukkig kon ik met de dame van Schiermonnikoog het goed pratende houden, zodat mijn aandacht van de blaren werd afgeleid. Vanaf Ee ging de tocht verder via Lioessens naar het tweelingdorp Morra, en tussen de akkerbouwvelden van Ropta door naar Café Veldzicht in Metslawier, waar we het volgende stempeltje haalden. Ondertussen diende de volgende blaar onder mijn andere voet zich aan. Als afleiding liet ik mij mijn wandelmaatje bijpraten over  alle veehouderij bedrijven van Schiermonnikoog, vroeger allemaal klanten van mij. Ondertussen zitten daar de opvolgers al weer op het bedrijf, waardoor ik nog maar weer eens op het feit gedrukt werd,  dat ik toch ouder begin te worden. Onderweg heb ik veel tips en adviezen gekregen, waar ik bij eventueel volgende wandelingen zeker voordeel van zal hebben.  Vanaf Metslawier liepen we naar Wetzens, waar we een rondje achterom midden door de weilanden moesten lopen, Een mooi stukje, waar volgens mij nog een stukje van de spoorbaan van het Dockumer lokaaltsje ligt, zo leek het wel tenminste. 

wandelenkkk

 De mevrouw uit Schiermonnikoog raadde mij aan om niet te lang bij de stempelposten te blijven, omdat het dan moeilijk weer op gang te komen is, zeker met blaren onder je voeten. Een prima advies achteraf gezien. In de Catharinakerk van Aalzum haalden we ons een na laatste stempeltje, en toen was Dokkum al snel binnen bereik. Bij de Sionsberg was de finish, waar we een appel en wat drinken konden halen,  en als trofee een handdoek van de Bonifatiusloop ontvingen. De dames van het rode kruis hebben nog even naar mijn blaren gekeken, ook op advies van andere wandelaars. De blaren waren nog heel, niets aan doen was het advies, alleen even bespuiten met kampferspiritus.  Het is maar dat je het weet.

Een voordeel van wandelen?  Tijdens het wandelen kun je van alles bespreken, tijdens hardlopen lukt dat niet.  Een nadeel van wandelen? Het schiet niet op.

Jan Rietberg